
Minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking heeft dinsdag het jaarlijkse resultatenrapport 2025 van de Verenigde Naties voor Suriname in ontvangst genomen. Het rapport werd overhandigd door Joanna Kazana, residentcoördinator van de VN voor Suriname, Trinidad en Tobago, Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
Tijdens de overhandiging sprak Bouva zijn waardering uit voor de meer dan vijftigjarige samenwerking tussen Suriname en de Verenigde Naties. Volgens de minister heeft de VN een belangrijke bijdrage geleverd aan de bevordering van mensenrechten, duurzame ontwikkeling, rechtvaardigheid en het welzijn van de Surinaamse bevolking.
Bouva wees erop dat de huidige mondiale ontwikkelingen landen als Suriname voor grote uitdagingen plaatsen. Hij noemde onder meer internationale conflicten, stijgende kosten van levensonderhoud, klimaatverandering, economische onzekerheid en de toenemende druk op ontwikkelingsfinanciering. Volgens hem onderstreepen deze ontwikkelingen het belang van multilaterale samenwerking.
De minister verwees verder naar de ontwikkelingsvisie van de regering onder leiding van president Jennifer Simons. Daarbij ligt de nadruk op inclusieve en duurzame ontwikkeling, waarbij economische groei moet leiden tot een betere levensstandaard, meer kansen voor jongeren en grotere maatschappelijke weerbaarheid.
Volgens Bouva richt de regering zich de komende jaren op vijf prioriteiten: economische diversificatie en sociale vooruitgang, decentralisatie, digitalisering van overheidsdiensten, jeugdontwikkeling en de duurzame benutting van inkomsten uit de olie- en gassector.
De bewindsman benadrukte daarnaast het belang van het inzetten van nationale deskundigen bij de uitvoering van internationale projecten. Hoewel de technische ondersteuning van de Verenigde Naties wordt gewaardeerd, moet volgens hem tegelijkertijd worden gewerkt aan het versterken van de capaciteit van nationale instellingen.
Tot slot onderstreepte Bouva de coördinerende rol van zijn ministerie bij de afstemming van internationale samenwerking op nationale ontwikkelingsdoelen. Volgens hem is een voortdurende dialoog met internationale partners noodzakelijk om ervoor te zorgen dat externe ondersteuning optimaal aansluit bij de prioriteiten van Suriname.






