
Nabestaanden en slachtoffers van de zware aanrijding aan de Johannes Mungrastraat op 17 januari stellen dat de verzekeringsmaatschappij hen zeer lage schadevergoedingen heeft aangeboden voor de gevolgen van het ongeval. Sommige betrokkenen kregen een bedrag van SRD 500 aangeboden, terwijl anderen genoegen moesten nemen met SRD 250.
Een van de nabestaanden verklaarde gisteren na afloop van de rechtszitting dat zij het aangeboden bedrag van SRD 500 heeft geweigerd. Hoewel zij beseft dat geen enkele financiële compensatie haar dierbare kan terugbrengen, vindt zij het bedrag volstrekt onacceptabel.
De vrouw was samen met haar schoondochter aanwezig bij de behandeling van de zaak. Haar zoon kwam bij het ongeval om het leven. Aanvankelijk zou gisteren uitspraak worden gedaan, maar die werd uitgesteld omdat de advocaten van de verdachte hun pleidooi nog niet hadden afgerond.
De officier van justitie heeft tegen de verdachte, R.L., een gevangenisstraf van 30 maanden geëist, waarvan zes maanden voorwaardelijk. Daarnaast is een proeftijd van drie jaar gevorderd en moet de verdachte tijdens zijn detentie psychologische begeleiding krijgen.
Na afloop van de openbare zitting vond op verzoek van enkele nabestaanden ook een raadkamerzitting plaats. Zij wilden met de verdachte in gesprek over de tragische gebeurtenis. De moeder en schoondochter besloten hier niet aan deel te nemen. Volgens hen wordt de pijn telkens opnieuw opgerakeld wanneer zij de verdachte zien. Zij vragen zich nog altijd af waarom hij met zo’n hoge snelheid heeft gereden.
Uit het verkeersongevallenanalyse- en technisch onderzoek is gebleken dat R.L. met een snelheid van 136,8 kilometer per uur over de Veldhuizenlaan reed, op het traject tussen de Gemenelandsweg en de Johannes Mungrastraat.






