
Een praktijkactiviteit op de openbare weg heeft aangetoond dat veel bestuurders onvoldoende weten hoe zij moeten handelen wanneer een blinde of slechtziende persoon wil oversteken. Ondanks de duidelijk zichtbare witte blindenstok stopten verschillende automobilisten niet of pas na geruime tijd.
De bewustwordingsactiviteit werd georganiseerd op initiatief van het Blindencentrum en ondersteund door het Verkeersveiligheidsinstituut (VVI), dat ressorteert onder het ministerie van Justitie en Veiligheid, en het Korps Suriname Vrijwilligers (KSV). Het Korps Politie Suriname (KPS) was aanwezig om toe te zien op de openbare orde en veiligheid.
Tijdens de praktijkoefening werd duidelijk dat de witte blindenstok niet door alle weggebruikers wordt herkend als een belangrijk signaal. Verschillende voertuigen reden door, waardoor de slechtziende persoon langer moest wachten voordat veilig kon worden overgestoken.
Volgens het VVI onderstreept dit de noodzaak van meer verkeersbewustwording. Bestuurders moeten weten wat de betekenis van de witte blindenstok is en hoe zij zich moeten gedragen wanneer een blinde of slechtziende voetganger wil oversteken. Het instituut pleit er daarom voor om dit onderwerp nadrukkelijker mee te nemen in de rijopleiding en verkeerseducatie.
Ook de verkeersinfrastructuur moet volgens het VVI beter worden afgestemd op mensen met een visuele beperking. Daarbij gaat het onder meer om veilige oversteekplaatsen, toegankelijke trottoirs, verkeerslichten en ander wegmeubilair.
Het VVI roept weggebruikers op om extra alert te zijn, tijdig snelheid te verminderen en blinden en slechtzienden voldoende tijd en ruimte te geven om veilig over te steken.






