Vice President-commissaris Roy Baidjnath Panday van De Surinaamsche Bank (DSB) heeft gereageerd op de bezwaren die een groep aandeelhouders heeft geuit tegen de benoeming van Stanley Mathura als commissaris van de bank. De aandeelhouders hadden in een brief aan de Raad van Commissarissen vraagtekens geplaatst bij de gevolgde procedure en verzocht om meer transparantie. Ook vroegen zij om heroverweging van de voordracht van Mathura.
Tijdens een persconferentie woensdag legde Baidjnath Panday uit hoe de benoemingsprocedure voor zowel commissarissen als directieleden binnen de bank verloopt. Volgens hem is de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) het aangewezen orgaan om eventuele zorgen over de samenstelling van de Raad van Commissarissen of de directie te bespreken.
“Er is tijdens de AVA stevig gediscussieerd over de voordracht en de Raad van Commissarissen heeft de gestelde vragen uitvoerig beantwoord”, aldus Baidjnath Panday. Volgens hem kan worden geconcludeerd dat de geuite zorgen uiteindelijk zijn weggenomen, aangezien de voordracht op brede steun van de aandeelhouders kon rekenen. De stemming over de goedkeuring van het voorgedragen RvC-lid was overwegend positief, verklaarde hij.
De vicepresident-commissaris gaf verder aan dat DSB commissarissen voor een periode van vier jaar wil benoemen. De benoeming is echter afhankelijk van de Centrale Bank van Suriname (CBvS). Nadat een voordracht door de aandeelhoudersvergadering is goedgekeurd, volgt een toets door deze toezichthouder, waarna een formele beschikking wordt afgegeven inclusief de aanzittijd.
Baidjnath Panday lichtte tevens de selectieprocedure toe. De Selectie-, Aanstelling- en Remuneratiecommissie (SARC) krijgt de opdracht om geschikte kandidaten te identificeren. Daarbij kan de Raad van Commissarissen ook aangeven welke expertise gewenst is. Kandidaten worden onder meer beoordeeld op bancaire kennis, governance-ervaring, economische deskundigheid en integriteit.
Na de beoordeling brengt de SARC een advies uit aan de Raad van Commissarissen. Indien binnen de raad consensus bestaat over een kandidaat, wordt de voordracht vervolgens ter goedkeuring voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders.






